Handige tips bij het gebruik van kalkoenen

Kalkoenen: ze zijn er in allerlei soorten en maten. Maar wanneer gebruik je nu welke en wat is een goede keus voor jou paard? In dit EventingHQ artikel geven we je handige tips bij het gebruik van kalkoenen. 

Handige tips bij het gebruik van kalkoenen
Beeld: ESVEO Fotografie

Het is eerlijk om te zeggen dat kalkoenen een noodzakelijk kwaad zijn. De uren die je spendeerd om ze in en weer uit te draaien vergeet je niet snel en is afhankelijk van hoe je paard zich gedraagt. Als je stiften gebruikt weet je hoe het kan zijn. Maar wat is het beste om te doen? Heeft je paard kalkoenen echt nodig? 

Een andere belangrijke vraag is of je paard ijzers nodig heeft of goed loopt op blote voeten? Daarbij is het belangrijk om te kijken naar wat voor niveau je rijdt. Zo ken ik ruiters die t/m de klasse M hun paarden alleen voor op ijzertje hebben en pas vanaf de klasse Z en hoger rondom laten beslaan. In de lagere klassen zou je paard ook nog goed kunnen lopen op blote voeten. Natuurlijk is dit o.a. afhankelijk van de gezondheid en kwaliteit van je paard z’n hoeven. 

Doel Kalkoenen

Kalkoenen zijn bijna niet weg te denken uit het wedstrijdbeeld. Helemaal als je eventing rijdt beschik je waarschijnlijk over meerdere soorten kalkoenen. Het doel van kalkoenen is om je paard extra grip te geven op de (gras)bodem. Hiermee willen we voorkomen dat de paarden uitglijden. Zo blijft je paard met vertrouwen springen op gras. 

#1 Rijgedrag

De belangrijkste reden om kalkoenen te gebruiken is om je paard met vertrouwen te laten springen. Sommige ruiters willen nog wel eens roekeloos gaan rijden met kalkoenen in de ijzers. Zorg ervoor dat je paard altijd zijn vertrouwen behoudt. Merk je dat je paard onzeker en/of terughoudend wordt op gras? Reflecteer eerst hoe je zelf rijdt en gebruik eventueel een ander soort kalkoen. 

#2 Aantal stiftgaten

Op hoog niveau zien we nog wel eens ijzers met meer dan twee stiftgaten per ijzer. Paarden op dat niveau springen hoger en maken veel strakkere wendingen. Meerdere stiftgaten op een lager niveau zijn overbodig en kan juist blessures tot gevolg hebben, omdat je paard met meerdere stiftgaten heel oneven kan gaan lopen.

Over het algemeen is de regel om 2 kalkoenen per ijzer aan te houden. In de dressuur kan je, als de bodemconditie het toelaat, er ook voor kiezen om één kalkoen te gebruiken aan de buitenkant. Sommige paarden kunnen zich ook nog wel eens aantikken met de binnenste kalkoen, ook dan kan het verstandig zijn om één kalkoen aan de buitenkant te gebruiken. 

#3 De juiste maat kalkoen voor de juiste omstandigheden

Het ene paard is het andere niet. We hebben paarden die heel makkelijk en zelfverzekerd zijn op verschillende soorten bodemcondities. Andere hebben de tijd nodig om te wennen. Het is altijd goed om in de training verschillende soorten terrein op te zoeken. Zo leert je paard daarmee om te gaan. Gras hoeft ook niet altijd betekenen dat je stiften moet gebruiken. Dit is afhankelijk van je paard maar ook wat je gaat doen en het niveau (snelle korte wendingen of juist veel rechtuit)  

#4 Soorten kalkoenen

We kennen enkele standaard kalkoensoorten: stomp en puntig. Vaak wordt er een mix gemaakt van deze twee door een punt aan de buitenkant te draaien en een stompe aan de binnenkant. Wanneer je verschillende soorten mixt is het goed om altijd kalkoenen van dezelfde lengte te gebruiken. Zo loopt je paard niet oneven. 

Wanneer je twijfelt kies dan altijd voor kleinere kalkoenen. Je wilt niet dat je paard te veel grip heeft. Dit veroorzaakt veel onnodige spanning op de benen en pezen.

Soorten kalkoenen voor paarden
Punten kan je gebruiken bij hele droge en harde bodemcondities. Stompe kalkoenen gebruik je bij hele natte en zachte bodems. Van deze standaard kalkoenen zijn er verschillende variaties.

#5 Wanneer gebruik je wat

Het soort kalkoen dat je kan gebruiken is afhankelijk van verschillende factoren.

Bodemconditie

Bij (hele) natte en zachte bodemcondities is het advies om voor grotere, vierkante (stomp)  kalkoenen te kiezen. Is de bodemconditie heel stevig of hard dan kan je beter kiezen voor kleinere en scherpere (punten) kalkoenen. Kalkoenen mogen het paard niet in de weg zitten maar moeten juist ondersteunen. Merk je dat je paard anders gaat lopen en/of onzeker wordt? Kijk dan of je wel de juiste kalkoen gebruikt voor jou paard. 

Niveau

Ga je naar een hoger niveau en wordt het tempo hoger en de wendigen korter? Dan is het verstandig om te kijken of de kalkoenen die je eerder altijd gebruikt nog wel gepast zijn. Voor hogere niveau’s (vanaf M/ Z in Nederland) kan het zijn dat je voor wat grotere kalkoenen wilt kiezen. Maar dit is ook weer afhankelijk van de bodemconditie en het type paard. 

Type paard

Het soort kalkoen is ook afhankelijk van het type paard. Een lichtvoetig paard heeft minder ondersteuning nodig dan een wat zwaarder gaand paard. Een zwaarder paard gallopeert meer ‘in de bodem’, dan een lichtvoetiger paard die ‘op de bodem’ loopt.

#6 Een keuze maken

De juiste kalkoenen kiezen is lastig en er is geen standaard antwoord. Elke situatie is anders en afhankelijk van de discipline, het niveau, het paard en de bodem. Het is altijd zinvol om meer ervaren ruiters en coaches te raadplegen en/ of diegene die het parcours al hebben gereden voor handige tips bij het gebruik van kalkoenen. Uiteindelijk is het belangrijk dat je op de dag zelf een beslissing maakt voor jouw paard. 

Extra tips

  • Test je kalkoenen voordat je op wedstrijd gaat. 
  • Pony’s kunnen andere kalkoenen nodig hebben dan paarden. Door hun gewicht kan het zijn dat ze de kalkoenen niet goed de grond in krijgen. Gebruik dan kleinere kalkoenen.
  • Maak de kalkoengaten de avond voor de wedstrijd al goed schoon en stop er een watje in met uierzalf (of ander vet).  Zo draai je de kalkoenen de volgende dag sneller in. 
  • Zorg dat je altijd 2 extra kalkoenen hebt van elk soort. Zo kom je niet voor verassingen te staan. 
  • Gebruik een singel met buikflap tijdens de cross of het springen. Zo voorkom je dat je paard zijn buik verwond met de kalkoenen boven de sprong.
  • Maak je kalkoenen na gebruik direct schoon. Natte kalkoenen zijn sneller schoon te maken dan wanneer het zand eenmaal opgedroogd is.
  • Bewaar je kalkoenen vervolgens in een licht geoliede doek.
  • Wanneer je kalkoenen langere tijd niet gebruikt, bewaar ze dan in een bakje met rijst. Door het rijst blijven de kalkoenen droog en roesten ze minder snel.

Kalkoenen en accessoires shop je bij: